Hoofdpersonen
In de wachtkamer van de toekomst
PORTRETTEN UIT HET AZC
Djamillah: 'Veiligheid is geen vanzelfsprekendheid.'
Djamilla heeft zich in Syrië als juriste sterk gemaakt voor de rechten van vrouwen en kinderen. Dit werd haar door het regime niet in dank afgenomen.
Op een dag veranderde haar leven van richting.
Toen zij voor een conferentie in Europa was, vertelde haar man haar dat ze beter niet naar huis kon komen, omdat de geheime dienst haar op stond te wachten.
Ze nam een moedige beslissing en vroeg asiel aan in Nederland, haar gezin achterlatend in Damascus.
Haar verhaal gaat over plotselinge overplaatsingen en hoe het is voor vrouwen om op een AZC te wonen. Het thema bleef terugkomen: 'Veiligheid voor vrouwen is niet vanzelfsprekend.'
Gelukkig heeft Djamillah uiteindelijk een vergunning en een huis gekregen. Een nieuwe fase begon, maar haar strijd zet ze voort.
PORTRETTEN UIT HET AZC
Saber: 'Ik ben voor niemand bang ...'
Saber is een Iraanse man van 63 jaar oud. Klein van stuk. Hij oogt kwetsbaar, maar tegelijkertijd is heel tanig. Ik voel inuïtief dat er een heel verhaal achter zijn woorden zit. Hoe zou hij er veertig geleden hebben uitgezien, vraag ik me af.
Hij zet zijn grote zwarte bril af en poetst wat met een doekje aan een van de glazen. Hij spreekt rustig.
'Ik heb tegen het regime gevochten. Eerst vanuit Iran zelf. En toen dat te gevaarlijk werd ben ik naar Europa gevlucht. Ik heb een hele reis gemaakt door Turkije en via Servië naar Duitsland en uiteindelijk naar Nederland.'
Zijn Engels is goed, zoals bij vele hoogopgeleide mensen uit Iran. Helaas is ook door de IND vastgesteld dat hij uitgezet moet worden naar Duitsland, omdat hij daar volgens hen de EU is binnengekomen.
Zijn advocaat heeft beroep aangetekend, maar we weten allebei dat dit weinig kans van slagen heeft.
En opeens voelt het alsof dat weten de kamer vult. Niet uitgesproken, maar aanwezig. Zijn reis is nog niet voorbij.
PORTRETTEN UIT HET AZC
Arsalan: 'Mijn leven staat stil, terwijl de weg terug allesbehalve veilig is.'
Na een lange en gevaarlijke reis kwam Arsalan aan in Ter Apel. Hij dacht: “Eindelijk kan mijn toekomst beginnen.” Maar die hoop veranderde al snel in onzekerheid.
Omdat hij meerdere talen sprak, werd hij door het COA ingezet als tolk. Dit gaf hem een gevoel van verantwoordelijkheid en het idee dat hij iets kon betekenen. Na zijn overplaatsing naar een ander AZC veranderde zijn situatie.
Daar kwam hij terecht in een omgeving met overlast van alcohol en drugs. Hij voelde zich daar niet veilig, wat zijn stress en mentale druk vergrootte. Hoewel hij later kon verhuizen, bleef de spanning hem achtervolgen.
Werken was bijna onmogelijk. Zonder verblijfsvergunning wilden werkgevers hem niet aannemen, waardoor hij zich vastgezet voelde — niet vooruit kunnen, maar ook niet terug kunnen.
Het zwaarst weegt de lange en onzekere wachttijd. Hij had nooit verwacht zo lang in onzekerheid te leven. Elke dag voelt als een eindeloze pauze, terwijl de dreiging van terugkeer naar Afghanistan — een land waar de situatie voor mensen zoals hij onveilig en onvoorspelbaar is — voortdurend aanwezig blijft.
Hij begrijpt niet waarom het zo lang duurt. Voor hem is het geen procedure, maar een leven dat stil staat.
PORTRETTEN UIT HET AZC
Achmed: 'Wij willen werken om te leven.'
Achmed werkte maandenlang als schoonmaker via een uitzendbureau.
Elke dag deed hij zijn werk trouw, maar werd slechts mondjesmaat betaald. Het geld had hij hard nodig om zijn zieke vrouw in Syrië van medicijnen te voorzien.
Toen hij besloot zijn achterstallige loon op te eisen, begon een lange juridische strijd. Achmed won de rechtszaak en kreeg recht op €19.000 – maar zes maanden later heeft hij nog steeds geen cent ontvangen.
Zijn verhaal laat zien hoe het is om in Nederland opnieuw te beginnen. Achmed wil werken en een bestaan opbouwen – iets wat voor veel bewoners van het AZC vanzelfsprekend klinkt, maar in de praktijk moeilijker is dan het lijkt.
PORTRETTEN UIT HET AZC
Ali: 'Wat moet ik worden, meneer..?!'
Ali is achttien jaar als hij in Nederland een verblijfsvergunning krijgt.
Hij heeft nog geen beeld van zijn toekomst in dit land. In het eerste gesprek vraagt hij :
'Meneer wat moet moet ik later worden?.'
Hoe bedoel je' vraag ik een beetje verbaasd. Deze vraag had ik niet verwacht.
Wat moet ik worden, dokter of architect?' Mijn ouders zeggen dokter meneer.
Naar je ouders moet je nooit luisteren', hoor ik mezelf zeggen.
Ik ga voor Ali aan de slag en verdiep me in de wereld van ROC's en MBO opleidingen. Maar dat is niet eenvoudig, er zijn diverse obstakels en de tijd dringt, omdat anders de inschrijftermijn verloopt....
Het zal er alweer om spannen.
PORTRETTEN UIT HET AZC
James: 'If hope is lost, everything is lost!'
James komt uit Afrika. Als hij voor me zit heeft hij een glimlach van oor tot oor. Hij heeft duidelijk zin in het leven.
Zijn droom is om later vrachtwagenchauffeur te worden. Hij kan daar mooi over vertellen, hoe hij over de wegen rijdt.
Ik praat met James ook over mijn eigen situatie, bijvoorbeeld over mijn broer die in een kritische situatie in het ziekenhuis ligt.
James is jong, maar ik vind hem heel wijs voor zijn leeftijd.
Hij vertelt mij hoe het belangrijk is om hoop te houden.
"If hope is lost, everything is lost." zegt hij beslist.





